Vaak fout!

In teksten van studenten kom ik een aantal fouten regelmatig tegen. Enkele van deze fouten zal ik hier bespreken.

In teksten van studenten kom ik een aantal fouten regelmatig tegen. Enkele van deze fouten zal ik hieronder bespreken.

s’Morgens of ’s Morgens?
Dit wordt vaak fout geschreven. Vroeger zei men: Des morgens drinken wij koffie, des avonds drinken we thee. Maar de taal verandert en nu laten we de ‘de-‘ weg en zetten in plaats daarvan een apostrof (een kommaatje in de lucht). Dus: ’s Morgens drinken we koffie en ’s avonds drinken we thee. Omdat afgekorte woorden aan het begin van de zin geen hoofdletter krijgen, schrijf je de ’s met kleine letters en begint het eerste woord erna met een hoofdletter. Dit geldt ook voor: ’s middags, ’s ochtends, ’s nachts.

In aanmerking/aanraking komen met …
Komt u veel in aanmerking met zieke mensen? ‘In aanmerking komen‘ is in deze zin niet goed. Je komt ergens mee in aanraking, of je komt in aanmerking voor iets (een baan of een prijs). Dus de vraag zou moeten zijn: Komt u veel in aanraking met zieke mensen?

Verantwoording en verantwoordelijkheid, deze woorden lijken weliswaar op elkaar en ze hebben ook wel met elkaar te maken, maar ze betekenen niet hetzelfde. Hoe zit dat nu precies? Verantwoordelijkheid betekent dat je de verplichting hebt om te zorgen dat iets goed verloopt. Je draagt de verantwoordelijkheid voor iets. Je hebt de verantwoordelijkheid voor een taak of je neemt de verantwoordelijkheid voor de afdeling op je. Jij gaat er dus voor zorgen dat het allemaal goed gaat. Daarover kan je verantwoording afleggen, je kan uitleggen of verdedigen waarom je iets gedaan hebt. Voorbeeld: De minister legt verantwoording af aan de Tweede Kamer over zijn besluit. Je verantwoordt je voor je daden.

Na of Naar aanleiding van?
Na aanleiding van kom ik vaak tegen in brieven en e-mails. Maar dit moet toch echt zijn naar aanleiding van. Een andere veelgemaakte fout is doormiddel van terwijl dit toch echt als drie losse woorden geschreven moet worden, dus door middel van.

Is het email of e-mail? Veel mensen schrijven email als ze email bedoelen. Email  is een woord met een andere betekenis: ‘(tand)glazuur’ of ‘glasachtige laag waarmee metalen, glazen en stenen voorwerpen versierd kunnen worden’. E-mail is de afkorting van elektronische mail. Overigens kan je ook prima mail schrijven. Mail is een de-woord, dus het is de mail die je gisteren ontving in je mailbox.

Hen, hun of zij?
Hun gaan op vakantie. Weet jij waar hun naar toe gaan? Voor veel mensen is het gebruik van hun wanneer het zij moet zijn een enorme ergernis. En dan is het extra vervelend dat evenzoveel mensen het dus steeds weer fout doen. 🙂
Hoe moet het dan wel? Hun doen nooit wat, maar zij wel. Zij gaan op vakantie. Waarom zijn zij niet thuis? Weet jij of zij nog komen vanavond? Wat doen zij eigenlijk met Pasen? Zij eten dan eieren en zij wandelen dan naar hun favoriete café, omdat zij daar hun vrienden kunnen ontmoeten.

Eigenlijk gebruik je hun alleen als bezittelijk voornaamwoord (hun vader, hun auto, hun droom, hun boek) of als meewerkend voorwerp (Ik geef hun het boek). Het woord hen gebruik je na een voorzetsel (Ik doe het voor hen. Ik ga naar hen toe) of als lijdend voorwerp (Ik neem hen gelijk mee).

Veel mensen zullen dit een ingewikkeld verhaal vinden, daarom mijn tip: gebruik bij twijfel ze! Ze gaan op vakantie. Weet jij waar ze naar toe gaan? Ik geef ze het boek. Ik doe het voor ze. Ik ga naar ze toe. Ik neem ze gelijk mee.
Met ‘ze’ zit je dus altijd goed. Nou ja, bijna altijd, want ze boek en ze vader is natuurlijk nooit goed. Het is hun vader en hun boek.

Hij wil of hij wilt?
Veel mensen schrijven ‘hij wilt‘, ‘zij wilt‘, ‘het kind wilt‘. Ze denken immers: ik-vorm+t en dat is goed te begrijpen. Maar willen is net als zullen, hebben, zijn, kunnen een onregelmatig werkwoord. Onregelmatige werkwoorden hebben hun eigen regels. Bij willen is de regel:
ik wil
jij wilt of eventueel jij wil
hij, zij, het, iets wil, dus: hij wil, zij wil en het kind wil.

De medicijnen welke ik gaf of de medicijnen die ik u gaf?
Het gebruik van welke als verwijswoord is ouderwets en niet mooi. Sommige mensen vinden het misschien deftig klinken, maar dat is het niet. Beter kan je verwijzen met die of deze naar de-woorden en dit of dat naar het-woorden.
Voorbeelden:
Het meisje dat daar loopt, is getrouwd met de jongen die haar vroeger niet zag staan.
De offerte die ik u gestuurd heb, bevat een aantal fouten die we aangepast hebben.
De vragen die wij u gesteld hebben, zijn nog niet beantwoord.
De mensen die daar lopen, zijn verdwaald.
Het boek dat daar ligt, wil ik kopen bij de boekhandel die vorige week is geopend.

Welke fouten kom jij vaak tegen? Of bij welke woorden en/of uitdrukkingen heb jij je twijfels? Zet ze hieronder bij de reacties!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s